Sjoerd van der Niet
16 maart 2016

‘Zou je nog even willen bevestigen dat je er donderdag bij bent?’

‘Jahoor, ik zal er zijn. Zou je nog even willen bevestigen dat het echt doorgaat?’

Het is vaak lastig om meerdere agenda’s open te krijgen voor hetzelfde moment. Het organiseren van een bijeenkomst is – voor mij althans – een frustrerende bezigheid. Lijk je eindelijk een moment gevonden te hebben waarop iedereen kan, komt er toch nog iemand doorheen:

‘Ik moet me helaas afmelden. Ik had dan al afgesproken, dat stond alleen nog niet in mijn agenda. Sorry!’

Hulde aan de secretaresses die weten wat prioriteit moet krijgen en toch al die afspraken in de agenda’s boksen.

Maar dit snap ik niet: waarom moeten er toch zoveel bevestigingen heen en weer gaan? Bevestiging dat je kunt komen, bevestiging dat je ook echt van plan bent om te komen, bevestiging van je bevestiging, bevestiging van je annulering, bevestiging van de annulering van je annulering, enzovoort.

‘Zou je nog even willen bevestigen dat je inderdaad NIET kunt?’

Zo tuimelen we algauw in een oneindige regressie. Dat zit zo: met een bericht verander je de kennis van de ontvanger. Je kunt onzeker zijn of het wel goed wordt begrepen, of dat het bericht überhaupt is aangekomen. Een bevestiging is daarom prettig. Maar een bevestiging is zelf ook weer een bericht, met dezelfde onzekerheid, die weggenomen kan worden met een volgende bevestiging.

Op een gegeven moment moet je stoppen. Uiteindelijk moet je de leap of faith maken en vertrouwen dat je bericht goed overkomt. Als je de bijwerkingen van een pil wil opvangen met een volgende pil, eindig je met een hele maaltijd aan pillen – beter van niet.

Ik vind het altijd mooi wanneer sprekers beginnen met de vraag: ‘Ben ik verstaanbaar?’ Als je niet verstaanbaar bent, wat voor reactie verwacht je dan? Meestal is vooral de reactie vanuit de zaal totaal onverstaanbaar. ‘Wat zegt u? Moet ik ietsje harder praten?’ Hoe de wens om bevestiging ontspoort in misverstand…

Snap je wat ik bedoel?